Caracasbaai


barbecueAls mensen mij vragen wat typische Curaçaose gewoontes zijn, vertel ik ze vaak over de barbecues. In Nederland is dit vaak een speciaal moment, want echt zomerse dagen (en dan bedoel ik die waarop het ’s avonds lang warm blijft) zijn helaas wat aan de zeldzame kant.
Bij een Nederlandse bbq denk ik ook vaak aan zwartgeblakerd vlees op je bord met ketchup en salsa saus. Op Curaçao wordt er op een heel ander niveau gebbq’d. Bijna iedereen heeft wel een fancy grill of een grote ‘old skool’ kolen bbq. Elk moment wordt aangegrepen om de bbq aan te steken en een lekker stuk lomito (ossenhaas) te grillen!

Voor de echte local wordt de bbq ook geregeld in de pickup gehesen samen met alle benodigdheden: een jug met ijs, veel bier (het liefst Polar of Amstel Bright) en nog meer vlees. Op de Caracasbaai wordt dit alles weer uitgeladen en de familie en vrienden verzamelen zich onder de palapa’s (rieten parasollen) die op het strand staan.
caracasbaaiJe moet weten dat op alle openbare stranden een groot bord staat met alles wat op het strand wel en niet
mag. Geen bbq, geen auto’s op het strand, geen muziek, etc. Dit alles om het strandplezier zo hoog mogelijk te houden. Caracasbaai heeft ook zo’n bord, alleen alles wat erop staat wat niet mag, gebeurt daar wel!Tegen het einde van de middag begint het vol te lopen met verjaardagsfeestjes, familiefeestjes of gewoon-gezellig-samenzijn-feestjes. Pickups worden achteruit de parkeerplaats op gereden, muziek wordt aangezet en het feest kan beginnen. Heerlijk!

Caracasbaai is voor mij totaal geen zwem-strand. Er ligt een foeilelijk groot booreiland, je vindt geregeld bbq-botjes in de branding en kolen op het strand. Voor mij is echt een strand waar het gaat om gezelligheid, veel eten en feest. Ik vind het heerlijk om te genieten van de eindeloosheid van de zee en de kolossaalheid van het booreiland, het uitzicht op het oude quarantaine-huis met een rosé’tje in je hand een een stuk vlees op je bord!

Lang leve Caracasbaai!

foto 1: pixabay.com
foto 2: eigen foto

– Dit verhaal is eerder verschenen in het Emigreermagazine van juli 2015.

Laat commentaar achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *